Inhoud

Nederlanders op belangrijke internationale posten

Diverse Nederlanders hebben internationaal belangrijke posten vervuld. Bijvoorbeeld een aantal voormalige ministers van Buitenlandse Zaken.

De politicus en zakenman D.U. Stikker, werd in 1948 Minister van Buitenlandse Zaken en bleef dit tot 1952. In 1961 werd hij Secretaris-Generaal van de NAVO, wat hij tot 1964 zou blijven. Daarna vervulde hij nog diverse functies bij de VN, de UNCTAD en de South Asian Development Bank.

J.M.A.H. Luns, de enige die in 1938 het attaché-examen deed bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken, werd in 1952 door de KVP naar voren geschoven als Minister zonder Portefeuille. Luns bleef tot 1971 Minister van Buitenlandse Zaken, werd in 1971 Secretaris-Generaal van de NAVO en bleef dit tot zijn pensioen in 1984.

Mr. M. van der Stoel, van 1973 tot 1977 minister van Buitenlandse Zaken, was tijdens de jaren negentig werkzaam als rapporteur voor de Mensenrechten van de VN, in welke hoedanigheid hij een aantal rapporten over de mensenrechtensituatie in Irak schreef. Tegenwoordig is hij de Hoge Commissaris voor de Minderheden voor de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE).

Dr. P.H. Kooijmans was rapporteur voor de Mensenrechten van de Verenigde Naties, waarbij hij vooral rapportages deed over martelingen. In februari 1997 werd hij benoemd tot rechter van het Internationaal Gerechtshof.

Jonkheer mr. E. van Lennep was thesaurier-generaal bij het Ministerie van Financiën, en van 1969 tot 1984 Secretaris-Generaal van de OESO.

Dr. H.J. Witteveen, voormalig minister van Financiën, was van 1973 tot 1978 „managing director” van het Internationale Monetaire Fonds (IMF).

Dr. D.P. Spierenburg en Mr. J. Linthorst Homan bekleedden beiden, voor hun vertrek naar Brussel, functies bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Zij werden benoemd als leden van de Hoge Autoriteit van de EGKS.

Drs. J.P. Pronk was van 1973 tot 1977, en van 1989 tot 1998 minister van Ontwikkelingssamenwerking. Hij was adjunct Secretaris-Generaal van de UNCTAD van 1980 tot 1985 en assistent Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties in 1985 en 1986.

Vele Nederlanders hebben hoge functies bij de Europese Unie gekregen, waaronder Mr. H. van den Broek, Minister van Buitenlandse Zaken van 1982-1993. Hij werd in 1993 lid van de Europese Commissie. In zijn portefeuille kreeg hij het Gemeenschappelijk Buitenlands en Veiligheidsbeleid, de uitbreidingsonderhandelingen en externe politieke betrekkingen. Zie voor een lijst van Nederlandse leden van de Commissie bijlage 1, achteraan dit hoofdstuk opgenomen.

A.A.M. van Agt, minister-president van 1977 tot 1982, was achtereenvolgens ambassadeur van de Europese Commissie in Japan en in de Verenigde Staten.

C. Trojan werd in augustus 1997 tot Secretaris-Generaal van de Europese Commissie benoemd.

De meest recente „Europese” benoeming was die van W. Duisenberg. Hij werd in mei 1998 tot president van de Europese Centrale Bank gekozen.

Het is diverse malen voorgekomen dat Nederland hoog inzette voor een belangrijke post bij een internationale organisatie en nul op het rekest kreeg. Bijvoorbeeld de voordracht van drs. R. Lubbers voor de post van voorzitter van de Europese Commissie in 1994. Ook stelde hij in datzelfde jaar zijn kandidatuur voor de post van Secretaris-Generaal van de NAVO. Ook deze kandidatuur slaagde niet.

Literatuuropgave: A. van Staden (red.), Hedendaagse diplomatie. Onmisbare schakel of overbodige luxe? Opstellen over diplomatie, Den Haag, 1997 (speciale uitgave van de Internationale Spectator).

Scroll naar top