Inhoud

Waterschappen

Een waterschap is een openbaar bestuurslichaam (en tevens het oudste gekozen overheidslichaam van Nederland), dat zich bezighoudt met de waterstaatszorg op regionaal en lokaal niveau. De individuele belanghebbenden bij de taken van het waterschap hebben kiesrecht en worden aangeschreven om deel te nemen aan verkiezingen van de leden van de Waterschappen. De groep belanghebbenden wordt verder onderscheiden in de volgende categorieën: ingezetenen (de huurders), gebouwd (huizenbezitters), ongebouwd (bezitters of pachters van land), bezitters of huurders van bedrijfsruimte in het betreffende gebied.

Het benoemen van de categorieën kiezers lijkt van invloed te zijn op het aandeel vrouwen in de besturen van de waterschappen, met name omdat de categorieën ook in het bestuur dienen te zijn vertegenwoordigd. Zo werd bijvoorbeeld in 1975 een nieuwe belanghebbenden categorie toegevoegd, de „huishoudelijke vervuilers”. Hierdoor kregen ook echtgenoten van betalingsplichtigen stemrecht en traden meer vrouwen toe tot de besturen, mede gezien het feit dat mannen geen zetels hoefden prijs te geven. In 1991 werd 11% van de zetels in besturen van de 121 waterschappen in Nederland ingenomen door vrouwen. Daarna zien wij weer een daling van het aantal vrouwen, hetgeen te wijten is aan de op 1 januari 1992 ingetreden nieuwe Waterschapswet. Deze wet schreef voor dat het aantal zetels terug moest met als gevolg dat de concurrentie voor een zetel groter werd. In de tweede plaats werden opnieuw de categorieën van belanghebbenden herdefinieerd. Zo verdween de categorie „huishoudelijke vervuiler”, waaronder de meeste vrouwelijke vertegenwoordigers te vinden waren. In 1995 was het aandeel van vrouwelijke bestuursleden in de Waterschappen dan ook slechts 5,3%. Sindsdien, mede door gerichte activiteiten van de Unie van Waterschappen en afzonderlijke Waterschapsbesturen om meer vrouwen te werven, is dit aandeel aan het stijgen. In 1999 waren er in de 63 Waterschappen 3,2% vrouwelijke voorzitters, 1,7% vrouwelijke secretarissen en 9,4% vrouwelijke bestuursleden. In de provincies Noord- en Zuid-Holland bestonden de besturen voor ruim 15% uit vrouwen. Zie voorts:

  • I. Van der Molen, Visie op Gender Hoofdstroom of Keerpunt, i.o.v. het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (DCE), Den Haag, 2000
  • J.de Roos, „Empathisch besturen” in Lokaal Bestuur, mei 1999, p. 20-21
  • Ministerie van Binnenlandse Zaken, Voortgangsrapportage Vrouwen in Politiek en Openbaar Bestuur Vrouwen in Politiek en Openbaar Bestuur, 1993; 1994; 1995; 1996; 1997; 1998
  • Emancipatieraad, Vrouwen in politiek en openbaar bestuur, ’s-Gravenhage, 1991, pp. 71,72
  • J.M. Weststeijn, Stembevoegdheid van de gehuwde vrouw bij waterschapsverkiezingen, in: Waterschapsbelangen, 68 (1983), pp. 71-72.
Scroll naar top